Kus

Tijdens mijn avondwandeling rond de plas met mijn hondjes, liep ik in alle stilte na te denken. In gedachten praatte ik tegen mijn moeder. Ik vertelde haar dat ik diep vanbinnen geloof dat zij en andere overleden dierbaren er op een bepaalde manier nog zijn, maar dat het soms wel verdomd moeilijk is om daar aan vast te houden, omdat je niet meer met ze kunt praten, ze niet meer kunt zien en ze niet meer even een knuffel of een kus kan geven. Op dat moment liep ik de bocht om, keek uit over het water en keek naar de lucht die oranje begon te kleuren door de ondergaande zon en ik zag het kusje wat aan de hemel stond. Voor mij was dat een teken, een cadeautje, een kusje terug. Een ander zou misschien denken wat nou kusje terug, het zijn gewoon de strepen van een paar vliegtuigen die elkaar gekruist hebben, en dat is feitelijk natuurlijk ook zo, maar het gaat niet om dat kruisje in de lucht, maar om het moment waarop ik het zag. Dat specifieke moment, alsof het zo heeft moeten zijn dat ik juist op dat moment naar boven keek, alsof dat zo gestuurd werd. Ik blijf het altijd zeggen: toeval bestaat niet.

De kleine helper

Vlinder zweeft op een zuchtje wind, laat zich leiden door het lokkende zoet.

Eindelijk, daar is het!

Ze rook het al van heel ver. Het maakte haar dromerig en vol van verlangen. Nu kan ze ook daadwerkelijk zien waar die heerlijke geur vandaan komt en ze raakt er helemaal door in vervoering.

Tientallen bloeiende vlinderstruiken. Wit, roze, paars. Ze zien er allemaal even aantrekkelijk uit. Het is moeilijk om te kiezen. Ze fladdert wat in het rond, gaat even zitten op één van de bloemen, steekt haar slurfje uit om te proeven van de zoete nectar en gaat dan door naar een volgende bloem.

Er zijn tientallen andere vlinders. Ze vliegen om haar heen, komen soms even naast haar zitten. Proeven van dezelfde bloem. Dat is goed. Er is genoeg voor iedereen. Sommigen lijken op haar, al vindt ze zelf natuurlijk dat zij de mooiste vleugels heeft. Fluweelzacht en onbeschadigd. Diep oranje, pikzwart en helder wit. Dat zijn haar kleuren. Ze draagt haar vleugels met trots.

Net als ze weer van bloem wil verwisselen, vangt ze iets op met haar antennes. Vlinder kijkt verward om zich heen. Zoiets raars heeft ze nog nooit opgevangen. Daar is het nog een keer! Van schrik klapt Vlinder haar vleugels dicht en draait een rondje op de bloem. Er is niets vreemds te zien. De andere vlinders zitten allemaal rustig te eten of dansen door de lucht en lijken niets gehoord te hebben. Misschien is er iets mis met haar antennes of heeft ze na haar lange reis teveel nectar ineens gegeten. Ze vliegt naar een tegenoverliggende groene struik waar ze onder een groot blad in de schaduw gaat zitten.

Dan hoort ze het weer, luid en duidelijk, en plots weet ze wat er gebeurt. Haar lijfje begint te trillen. Ze heeft wel eens gehoord van vlinders die ingezet worden als helpers, maar ze had niet gedacht dat zij daar ooit voor uitgekozen zou worden. Ze beweegt haar antennes nog eens voorzichtig om er zeker van te zijn dat ze de boodschap goed heeft verstaan en vliegt dan weg.

Niet veel later bereikt ze haar bestemming. Het is een aantrekkelijke tuin die vol staat met bloemen. Er zijn mensen. Ze zijn vrolijk. Er is een feestje. Er wordt gelachen, gegeten en gedronken. Ze fladdert in sierlijke rondjes boven de tuin. De blauwe lavendel in de border geurt sterk in de warme zomerzon. Bijna wordt ze erdoor afgeleid. Maar dan ziet ze haar. Het mens. Ze staat tussen al die andere mensen in de tuin. Het mens wat niet echt aanwezig is. Ze ziet haar gezicht. Ze ziet de lach op haar gezicht, een lach die mechanisch is, en nog voor ze de boodschapper ontdekt die naderbij komt, weet ze dat dit het mens is voor wie ze is geroepen.

De boodschapper staat nu naast het mens, kijkt naar het mens, maar het mens reageert niet. Het is te ver in gedachten om de aanwezigheid van de boodschapper te voelen.

Dit is het moment voor Vlinder om te doen waarvoor ze geroepen is. Ze vliegt naar beneden, cirkelt een klein rondje vlak voor de ogen van het mens en strijkt dan neer op haar arm.

Het mens knippert met haar ogen, haar lippen wijken een stukje uiteen.

Vlinder beweegt langzaam haar vleugels op en neer. Verschillende beelden schieten nu door haar heen. Beelden van de boodschapper en het mens in vroeger tijden. Dichtbij elkaar. Liefde is wat Vlinder voelt, heel veel liefde.

Er verschijnen nu druppels in de ogen van het mens, maar er verschijnt ook een glimlach om haar lippen, de mooiste glimlach die Vlinder ooit heeft gezien.

Het mens slaakt een diepe zucht.

Vlinder ziet hoe de glimlach de natte ogen van het mens bereikt, dan haar hart en ziel.

Enkele seconden gaan voorbij en dan is het alweer tijd voor Vlinder om te gaan. Ze heeft haar missie volbracht. De boodschapper bedankt haar en zij bedankt de boodschapper, omdat hij speciaal voor haar gekozen heeft, en terwijl het mens en de boodschapper haar allebei nakijken, fladdert ze tevreden weg.

©S. Van Deudekom